
Een stoofgerecht dat in een slowcooker zes tot acht uur nodig heeft, is in een snelkookpan vaak in minder dan een uur klaar. Waar een slowcooker op een lage temperatuur van ongeveer 60 tot 90 graden gaart, loopt de temperatuur in een snelkookpan door de opgebouwde druk op tot zo'n 116 tot 120 graden. Dat verklaart het enorme tijdsverschil: hogere temperatuur en druk versnellen het garingsproces van vezels en bindweefsel aanzienlijk.
Een slowcooker staat bekend om de diepe, langzaam ontwikkelde smaak van een stoofpot die urenlang op laag vuur trekt, met tijd voor kruiden en aroma's om zich te mengen. Een snelkookpan bereikt een vergelijkbaar mals resultaat in een fractie van de tijd, maar doordat er nauwelijks vocht verdampt, blijft de bouillon vaak wat lichter van smaak tenzij u vooraf aanbraadt of reduceert. Wie tijd heeft, kan met een slowcooker dus net wat meer smaakdiepte opbouwen; wie tijd te kort komt, bereikt met een snelkookpan een resultaat dat er in de meeste gevallen nauwelijks bij onderdoet.
Een slowcooker is ontworpen om urenlang zonder toezicht te draaien: 's ochtends vullen en 's avonds is het eten klaar, ideaal voor wie overdag aan het werk is. Een snelkookpan vraagt meer aanwezigheid, al is dat bij een elektrische snelkookpan met timer en warmhoudstand ook te overbruggen. Het belangrijkste verschil in gebruiksgemak is dus niet de bediening zelf, maar hoeveel tijd u vooraf beschikbaar heeft.
Neem een rundvleesstoof met wortel, ui en aardappel. Wilt u die 's ochtends klaarzetten en er de rest van de dag niet meer naar omkijken, dan gaat de slowcooker op laag ongeveer 7 tot 8 uur, of op hoog 4 tot 5 uur, en is het gerecht klaar wanneer u thuiskomt. Komt u pas laat op de gedachte om te koken, dan is dezelfde stoof in een snelkookpan in ongeveer 35 tot 45 minuten inclusief opbouwen van druk en natuurlijke drukafname klaar. Het resultaat is in beide gevallen mals vlees met een doorgetrokken smaak, maar de planning eromheen verschilt compleet.
Een slowcooker is vergevingsgezind: een half uur langer op laag temperatuur maakt voor de meeste stoofgerechten weinig verschil. Bij een snelkookpan ligt dat anders, omdat de hoge temperatuur en druk sneller inwerken; een paar minuten te lang koken kan zachte groenten al laten uiteenvallen tot moes. Wie een snelkookpan gebruikt voor een gerecht met zowel vlees als groenten, doet er daarom vaak goed aan de groenten pas later toe te voegen, na het openen van de pan, in plaats van alles vanaf het begin mee te laten garen.
Wie beide functies in één apparaat wil, vindt die combinatie terug bij een multicooker, die naast de druk- ook een slowcookstand heeft.
Een slowcooker is specifiek ontworpen om urenlang zonder toezicht te draaien: het lage vermogen en de geleidelijke opwarming maken het risico op oververhitting of aanbranden klein, ook als u niet in de buurt bent. Een klassieke snelkookpan op het fornuis is daarentegen niet geschikt om onbeheerd te laten koken, omdat een gasvlam of kookplaat bij het verdampen van vocht een gevaarlijke situatie kan veroorzaken zonder dat iemand het opmerkt. Een elektrische snelkookpan met automatische uitschakeling vormt hierin een tussenweg en is, net als een slowcooker, wel geschikt om alleen te laten koken.
Een snelkookpan verbruikt door de korte kooktijd doorgaans minder energie per gerecht dan een slowcooker die urenlang aanstaat, ook al is het vermogen van een slowcooker op elk moment laag. Voor de precieze tijdsbesparing per ingrediënt in een snelkookpan kunt u de kooktijdentabel raadplegen. In aanschafprijs ontlopen beide apparaten elkaar meestal niet veel, al is een eenvoudige klassieke snelkookpan vaak het goedkoopst van de twee.